Thomas van Aalten

Brief aan docenten over de Tweede Kamerverkiezingen 2017

31 januari 2017 | Reacties 1

De tekst is ook als PDF hier te downloaden (om bijvoorbeeld uit te printen).

Beste docent uit het voortgezet onderwijs, hoger onderwijs en mbo,

De Tweede Kamerverkiezingen op 15 maart 2017 lijken nu meer cruciaal dan ooit, om verscheidene redenen. Er is een grote groep voor wie politiek soms ver van haar bed is: de jongeren die voor het eerst mogen stemmen.

Misschien begrijpelijk.

Politici spreken jongeren zelden aan bij debatten en besluiten over belastingen, pensioenen, hypotheken en zorgstelsels. Ja, er zitten vaak wat belegen heren en dames aan tafels van de toch al wat eenzijdige talkshows op televisie – waar jongeren steeds minder naar kijken. En als diezelfde jongeren zien hoe ministers via de achterdeur vertrekken of omdat mensen zich niet aan hun woord houden, dan verliezen ze het vertrouwen in politieke instanties.

Toch zijn diezelfde jongeren in onze huidige democratie de ouderen van overmorgen.


Het cynisme, wantrouwen en de politieke lusteloosheid mogen geen implosie veroorzaken. Wij zouden als de makers van hun dagelijkse onderwijs, deze groep moeten stimuleren om zich te verdiepen in de politieke programma’s (desnoods tijdens studieloopbaanbegeleiding of een mentoruur) van de partijen. En ten slotte: laten we ze de ruimte geven om te gáán stemmen.

Is dat geen taak van hun ouders? Nou, dat is het: ze zijn volwassen. We moeten ze uitdagen om voor zichzelf te denken. Bega ook niet de fout om jouw politieke visie als docent op te dringen. Wat ze stemmen, is aan hen; als ze er maar over hebben nagedacht – ja, ook als ze niet willen stemmen, of als ze blanco stemmen.

Maak een rooster met je docententeam voor 15 maart: welke docent gaat met welke klas naar dat stemlokaal?

Het zal misschien geen schok teweegbrengen, geen verrassende verschuiving van zetels veroorzaken, maar we hebben wel onze best gedaan om de jeugd te mobiliseren.


Succes!


(En deel deze brief naar hartenlust).


Hoogachtend,


Thomas van Aalten

Schrijver / docent Hogeschool van Amsterdam (opleiding Media, Informatie en Communicatie).

Vluchten kan nog wel: een postbus voor drie oud-RAF-leden

18 januari 2017 | Reacties 1

Vandaag staat in Het Parool mijn achtergrondartikel over de drie voortvluchtige ex-Rote Armee Fraktion-leden. Één van de voortvluchtigen, Ernst Volker Staub, schreef in de jaren tachtig lange brieven naar een andere RAF-veroordeelde. De correspondentie ligt ter inzage in het Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG). Speciaal voor hem - en zijn metgezellen - opende ik een postbus.

Hoe vergaat het hen? Zijn ze bang, gelukkig? Ik hoop op een echo van één van hen. Mogelijke reacties bewaar ik met de grootste zorg en deel ik niet met derden, en speel ik niet door aan de Duitse en/of Nederlandse politie.

Thomas van Aalten
Postbus 69521
1060 CN Amsterdam

Ik geef niet veel om Allah, maar wel om mijn buren

5 januari 2017 | Reacties 1

Fietsenmaker Jamal opende twee jaar geleden zijn zaak aan de Jan Evertsenstraat in Amsterdam Nieuw West, net buiten de ring A10, op het 'driezonepunt' van Slotervaart/Overtoomseveld, Bos en Lommer en De Baarsjes. De Jan Evertsenstraat begint in Oud-West en loopt dan helemaal door tot aan het spoor, waar de trein en metro van en naar de Stations Lelylaan en Sloterdijk razen. Jamal, zelf opgegroeid in Osdorp, runt zijn zaak niet alleen voor de omzet. Hij ziet het ook als een buurtfunctie. Sinds hij Bikeshop West heeft geopend, is het straatbeeld opgefrist. De bankstellen worden niet meer massaal bij het grofvuil gezet, jongeren smijten niet zomaar meer hun troep op de stoep. 

Ik woon al een paar jaar in dit deel van Slotervaart (overigens nu ook nog nét, de overkant van mijn straat behoort officieel toe aan Bos en Lommer), in de toenmalige suburbane droom van stedenbouwkundigen uit de jaren vijftig en zestig – maar in de nachtmerrie volgens velen in de 21e eeuw. Ver verwijderd van bierfietsen en selfiesticks ben ik getuige van de kraamkamer van deze Nieuwe Stad. Ooit was het verderop gelegen August Allebéplein een grimmig decor van rellen en brandende auto’s; tegenwoordig rijst er hoogbouw naast de moskee. Rondom station Lelylaan heten luxueuze wooncomplexen ineens Little Manhattan.

Dat de binnenstad te vol is, mag geen nieuws heten. En dus dijt de stad uit, ook aan de westzijde. Het begon in Bos en Lommer en de Baarsjes, en nu begint de gentrificatie zelfs aan de Ring A10 te knagen. De School, van de eigenaren van het toenmalige Trouw aan de Wibautstraat, staat exact meters verwijderd van het ringviaduct. Ga je onder het viaduct door, dan vinden de ‘binnenringers’ het al snel een beetje eng. Maar het oprukken van welgestelde tweeverdieners, de toename van Air-bnb’s en hotels in Nieuw-West is onvermijdelijk. Ook ik bevind me nu al enkele jaren in de enclave buiten de ring. En ik gedij goed in deze gemeenschap, maar ik probeer me te ontworstelen aan de stereotypering van een hele horde hipsterdertigers en hun ‘leuk, een stukje exotisme, maar ik doe mijn boodschappen liever bij Marqt’. Ik probeer het stadsdeel tot in de vezels te begrijpen. Slotervaart ligt in stadsdeel Nieuw West, samen met Zuidoost de meest multiculturele delen van de stad.

Er zijn talloze opinies over geschreven: de spagaat van vaak atheïstische progressief-liberalen of ronduit linkse figuren tegenover moslims, of specifieker de islam. Terwijl het in de vorige eeuw bonton was om de ‘gristenhonden’ en de ‘kutholieken’ aan de schandpaal te nagelen, verstomde het protest toen de spijkerpakken en baarden moesten dealen met een relatief nieuw geloof: de islam, die vooral dankzij de marktwerking mee was gebracht door gastarbeiders.

Nederlandse schrijvers, muzikanten, filmmakers en komedianten waren in de vorige eeuw dankzij de opkomst van de overgewaaide jeugdcultuur op grote schaal druk met het onttronen van het heersende gezag. Wie af wilde van de behoudzucht, schudde het geloof van zich af. God was voortaan iets voor zielepoten, voor gefrustreerden. Niet alleen het geloof moest het ontgelden, ook andere symbolen van het establishment.

In de zeer korte, maar in ons collectieve brein inmiddels tot grote proporties uitgedijde periode dat links écht aan het roer was (vaker zaten de KVP of ARP (en later het CDA) op het regeringsplûche), was solidariteit een toverwoord, zeker als deze gepaard ging met de archetypische arbeider. En al helemaal met de gastarbeider, die allerminst door de media werden geframed als moslims, op z’n best sprak een krant wel eens van ‘mohammedanen’, maar daarmee was de kous af.

Nu zien we hoe de (klein)kinderen van die arbeiders – en andere nieuwkomers die ooit om welke redenen naar Europa zijn gekomen – in de publieke opinie worden weggezet op basis van hun geloof en afkomst. Dat heeft vooral te maken met de doodsangst voor terrorisme dat uit een fundamentalistisch vaatje tapt. Ik geloof niet veel, maar ik geloof vanuit de grond van mijn hart dat een grote meerderheid van mijn buren, zo niet allemaal, liever willen dat ik mijn leven leid zoals ik het nu doe, dan dat ik door een nieuwe Mohammed B word afgeslacht in naam van Allah om Slotervaart vervolgens om te dopen tot IS-grond.

Zolang mijn buren uit Slotervaart elke dag nog worden beschimpt, zal ik het voor hen opnemen – inclusief hun particuliere religie. Toegegeven, ik krijg kippenvel van de zondagse koranschool waar ik kinderen devoot naartoe zie gaan – maar hetzelfde kippenvel staat bij mij ook in het zwaar gelovige Urk, Volendam of Scherpenzeel op de armen. Groezelige achterafzaaltjes met haatpredikanten mogen van mij verboden worden (voor zover dat nog niet het geval is), maar het lijkt me sterk dat de hele goegemeente daar de deur platloopt. Ik kom niet in de galerijflats waar jonge vrouwen binnen moeten blijven van hun echtgenoot. Ik spreek geen jongens in djellaba die anderen ronselen voor de jihad, klopt. Hun telefoonnummers staan niet in mijn smartphone.

En ja, in Slotervaart is er inderdaad altijd wat. Jeugdcriminaliteit, sociale armoede, een vechtpartij in de moskee, vuil op straat; maar tegelijkertijd zie je ook altijd weer initiatieven die de balans de andere kant op doen slaan. Er zit veerkracht in de buurt.

Twee jaar geleden werd ik uitgenodigd voor een straat-iftar. Terwijl de Jan Tooropstraat was opgebroken zaten we aan lange tafels tussen de flats en laafden ons aan stapels eten. Ik deed het niet voor het religieuze ritueel, ik deed het omdat het kon. Daarvoor hoef ik geen applaus, maar ik kan het iedereen aanraden.

Ik geef als atheïst vanuit de grond van mijn hart niets om Allah, maar wel om mijn buren. En waar ik me in mijn biotoop begeef, behandelen we elkaar zonder achterdocht: de buurtbewoners, fietsenmaker Jamal, bakker Nador, bakker Vatan, kapsalon Rami, Ilker Versshop, kleermaker Seda, de medewerkers van de Ummah supermarkt, ouders van de kinderen op het schoolplein, de tieners op het Comenius en Hervormd Lyceum West. Dit is de realiteit, geen karikatuur.

Blijf met je poten en grote woorden van mijn buren af. Zolang zij en hun kinderen worden weggezet als halve criminelen, achterlijke idioten of hatende tijdbommen, zal ik ze – inclusief hun geloof – tot mijn laatste snik verdedigen.

Er stond een foto boven die werd gemaakt door Patrick Post. Deze werd in mei 2014 geplaatst bij een artikel over Slotervaart in Trouw. Zijn advocaat stuurde me een rekening. Smells funny, hm?

Archief

2018

juni mei maart februari

2017

oktober september juli januari